Ik ga er de hele tijd vanuit dat iedereen alles weet, maar realiseer me net dat dat natuurlijk niet zo is……… Dus ik ga er een blogje over schrijven, een blogje over ZAAD.

Ik heb namelijk al zolang ik mij kan herinneren een fascinatie voor zaadjes, als klein meisje kreeg ik geld van mijn moeder, of vader, dat weet ik niet meer, om naar de zaadhandel te gaan. Die zaadhandel, geen idee hoe het heette, zat in de Herenstraat in Naaldwijk, de winkel bestond uit hele hoge kasten, met allemaal kleine laatjes en een hele grote toonbank. In al die laatjes zat het zaad, voor alle tuinders uit het hele Westland. Het liefste stond ik daar de hele dag, om te kijken wat iedereen kocht, en uit welk laatje dat dan kwam, sla, tomaten, radijs, bloemkool, maar ook bloemen. Fascinerend, de tuinders kochten er duizenden tegelijk en die kregen ze mee in een hele grote bruine envelop en zelfs in grote bruine zakken. Ik kocht meestal maar 5 bonen, of een beetje sterrenkers.

Maar die zaadjes, de belofte, die zij met zich meebrachten om een plantje te worden, dat is nooit weggegaan en nog steeds, ieder jaar in januari begint het te kriebelen; wat gaan we dit jaar allemaal zaaien, wat doet het en wat doet het niet.

Zaaien op zich is niet moeilijk, wanneer je start met een goede basis. En daar heeft iedere tuinder zijn eigen recept voor, de een doet het met koffiefilters, de ander met papier, en weer een ander met gewoon aarde, zoals ik, hier komt ie;

Je neemt een deel gewone potgrond, die je mengt met net zoveel zand, dus half om half, dit meng je goed en daar is de zaai aarde. Hiermee vul je de bakjes, potjes, bekertjes, die je wilt gebruiken.

Dit hoeft natuurlijk niet, je kunt ook gewoon een kant en klare zak zaai aarde kopen bij de Gamma, of het tuincentrum.

Nu heb je een goede basis, maar ben je nog niet klaar, het is namelijk zo dat zaadjes hun eigen diepte willen hebben. De richtlijn, die ik altijd gebruik hierbij, is net zoveel aarde op het zaadje, als het zaadje groot is, als hij/zij maar is bedekt.

Om het extra ingewikkeld te maken, zijn er ook nog koude en licht kiemers. Koude kiemers, zijn planten die wel tegen een stootje kunnen en meestal zaai ik die direct ter plaatse, of in het onverwarmde warenhuis, denk aan erwten, sla, peterselie, radijs, raapstelen, dus alle voorjaarsgroente, bloemen en kruiden.

Lichtkiemers, zijn zaden die niet toegedekt hoeven te worden met een laagje aarde, zoals tabaksplant. Die kunnen direct ter plaatse op de grond gestrooid, waar jij ze wilt hebben en ze doen verder alles vanzelf.

Als het goed is heb je nu je zaadje(s) in een potje, en dit dek je toe met een plasticzakje, of een minikasje waar je ze inzet en in het raamkozijn. Hou in de gaten wanneer ze water nodig hebben, en wanneer je een minikas gebruikt zorg voor, zoals het op zijn Westlands heet, goeie beluchting, dus zet de schuifjes overdag, wanneer er genoeg zon is open. Wanneer je dit niet doet, heb je grote kans op een heel ander leven, namelijk schimmel.

Zo gaat het dus een paar weken door, totdat je kleine plantjes hebt, met minimaal 2 sets bladeren, en nu is het tijd voor verspenen, huhhhh????. Verspenen klinkt raar, maar betekent voorzichtig het plantje uit zijn potje halen en in een nieuw potje zetten, die je hebt gevuld met gewone potgrond. En is het tijd om je baby’s af te harden, dus niet meer op de verwarming, maar op een plek met zon, maar geen hitte, anders krijg je slierterige plantjes, wat nooit wat gaat worden.

Als het allemaal meezit, begint het tegen deze tijd buiten al wat warmer te worden, en kunnen de plantjes naar het warenhuis, of afgedekt met glas in de aarde. Doe het alsjeblieft niet te vroeg, want anders is alle moeite voor niks. En dit geldt NIET voor tomaten, aubergines, courgettes en andere mediterrane planten, die moeten nog even wachten, totdat het buiten niet meer vriest, zo tegen half tot eind mei.

Dus jullie weten het; doe het lekker zelf!

En als je vragen hebt, jullie weten mij te vinden.